Welkom op de weblog van Johan en Wilanda. Op deze weblog houden wij onze belevenissen Downunder bij.

zaterdag 30 november 2013

November 2013

Na de rally in Narrabri zijn we weer teruggekeerd naar Surfers Paradise. We hadden namelijk een kleine schade aan de camper, Johan nam de bocht iets te scherp. We hebben onze intrek weer genomen op je kunt wel zeggen “onze vaste plaats”. Wilanda is een dagje met een paar dames naar Brisbane geweest naar een “Tatting” (Nederlands: Frivolite) bijeenkomst. Een van de dames die Wilanda tijdens de rally had ontmoet was daar ook druk mee bezig en die had Wilanda uitgenodigd. Deze dames komen 1x per maand bijeen, en krijgen elke maand een “werkstuk” uitgelegd wat ze dan zelf kunnen maken.  Deze keer was dat een kerstengel. Tevens was er deze maand het inleveren van het jaarlijkse werkstuk dit jaar was gekozen voor kerstdecoratie. Zeer verrassend wat er allemaal gemaakt was. Het was een gezellige dag en Wilanda heeft veel nieuwe ideetjes opgedaan en als beginneling een nieuwe techniek geleerd. Verder hebben we bingo gespeeld bij de RSL club waar we een paar leuke prijzen hebben gewonnen. Johan was al een tijdje bezig met het online pokeren en nu deed zich de gelegenheid voor om mee te doen aan een toernooi bij de RSL club. De 1e keer werd hij 5e en won $20. De 2e keer werd hij 2e en won hij $100 maar het was vooral erg leuk! Begin November kregen we van diverse kanten reacties dat we gesignaleerd waren in “The Wanderer”. Dit is het clubblad van de CMCA (60.000 leden) voor camperbezitters in Australie. En daar stonden wij in met een interview en foto. Klik hier voor het artikel. Toen onze camper weer klaar was zijn we uiteraard weer op pad gegaan. Allereerst naar Byron Bay, dit is het meest oostelijke plekje van Australie en als je zelf aan de meest westelijke kant woont mag je dat natuurlijk niet missen! Het was supertoeristisch en de schoolies waren net begonnen we zijn dus niet lang gebleven. Maar goed ook want de volgende dag zagen we op het nieuws dat er hagelstenen zo groot als tennisballen waren gevallen nadat wij vertrokken waren. Even ter informatie, schoolies dat zijn de net afgestudeerde studenten die dan vaak voor het eerst zonder pa en ma op vakantie gaan, en die vaak ook net de leeftijd hebben dat ze alcohol mogen drinken. (18 jaar dan mag je hier pas alcohol drinken en de leeftijd wordt streng gecontroleerd). Om even aan te geven hoe erg sommige zich hier misdragen; het appartementen complex waar wij normaal gesproken vertoeven, sommeert iedereen te vertrekken. Vaste appartement bewoners gaan op vakantie of naar familie maar het complex is leeg zodat er alleen maar schoolies zijn. Om problemen te voorkomen is er tijdens die 2 weken zelfs security ingehuurd en moeten de ouders per student maar liefst een borg van $1000 betalen!  Omdat het slechte weer aanhield zijn we via het binnenland richting Canberra gegaan. Zoals jullie allemaal weten natuurlijk, de hoofdstad van Australie. Wilanda haar paspoort verloopt namelijk 1e helft van 2014 en ja als we dan toch in de buurt zijn van de Nederlandse ambassade kunnen we dat maar beter gelijk opnieuw aanvragen omdat we nu niet weten waar we over een paar maanden zijn en dan moeten we misschien weer moeilijk doen om het aan te vragen. Vervolgens zijn we naar de Royal Mint geweest. Hier wordt het Australische muntgeld geslagen. Je kunt van bovenaf het hele proces zien inclusief de bakken met munten die blanco worden aangeleverd en vervolgens worden geslagen met de bijbehorende waardes en tekens. Er is ook een museum met de historie van het geld in Australie. Het eerste geld op Australische bodem was: Nederlands! Voor de west kust van Australie zijn veel VOC schepen vergaan (waaronder “De Vergulde Draak” en die hadden veel munten bij zich en er zijn er velen aangespoeld. De eerste schijnen zelfs gevonden te zijn door (toenmalig) een inwoner van Denham in de jaren 1960. Er moeten er ook nog genoeg op de zeebodem liggen trouwens. Vervolgens zijn de Spaanse Dollars geintroduceerd en door de schaarste aan munten heeft men een mooi rond gat in de nogal grote munt gemaakt en zo maakte men van 1 munt gewoon 2 munten. Deze Dollar kreeg de bijnaam Holey Dollar vanwege het gat (hole) in de munt. Er lagen ook enkele olympische medailles van de spelen in Sydney 2000 in de vitrine. Bijzonder is dat de bronzen medailles allemaal zijn gemaakt van 1 en 2 dollarcenten die uit de roulatie zijn gehaald. Verder hebben we geleerd dat de gouden medailles eigenlijk zilver zijn met een laagje goud (7%) er over. In Canberra hebben we ook nog familiebezoek gehad. Tot voor kort hadden we geen familie hier wonen maar Sharon, de dochter van Johan zijn nicht Jacqueline is hier begin november als au-pair gekomen. Omdat het ons wel erg leuk leek om elkaar te ontmoeten (wij hebben Sharon als baby / peuter) voor het laatst gezien hebben we bij ons op de camping afgesproken. Sharon is nu bijna een maand hier en heeft al diverse cultuurverschillen opgemerkt die wij (bijna) allemaal herkenden. Na haar periode als au-pair wil ze graag gaan rondreizen en hiervoor hebben we haar nog wat tips gegeven. Het was erg gezellig en de middag vloog voorbij. Toch wel bijzonder om elkaar zo te ontmoeten! Vanuit Canberra zijn we via Cooma naar de Snowy Mountains gereden. Onderweg hebben we een tussenstop gemaakt bij “The Christmas Barn”, de grootste kerstartikelen winkel die we ooit hebben gezien. Alle kleuren van de regenboog, echte ouderwetse glazen ballen, levengrote kerststallen en zelfs een delfts blauw kerststalletje. We hebben de sneeuw alleen in de verte gezien, en dat is maar goed ook want de nacht temperaturen daalden hier nu al tot slechts 2 graden, oftwel: berekoud! We hebben ons kacheltje dus maar weer eens aan gehad. Het was een hele mooie toerischtische maar rustige route. Het lijkt een beetje op het gebied Oostenrijk / Zwitserland. We hebben weer een paar mooie campeerplekken kunnen vinden en omdat het wintersport seizoen voorbij is was het overal rustig. Wintersport? Jazeker, met bijbehorende stoeltjesliften, skihuur, afdalingen en overal accommodatie en eet en drinkgelegenheden. In de Snowy Mountains wordt heel veel stroom opgewekt d.m.v. waterkracht, dit natuurlijk om dat er een overvloed is aan water, mede door de smeltende sneeuw. Hiervoor zijn in de jaren 50 hele dorpen verhuisd omdat de oude locaties onder water zouden komen te liggen in de vele bassins om het water op te vangen. We hebben bij zo’n centrale rondgekeken en het is een indrukwekkend gezicht. Hiervandaan zijn we doorgereden naar Tawonga / Mount Beauty. Hier wonen David en Margaret die we eerder dit jaar hebben ontmoet. Ze waren zelf pas net thuis van hun 7 maanden rondreis maar dat mocht de pret niet drukken. Ze hebben ons een en ander van de omgeving laten zien en wij hebben ze ook het geocachen uitgelegd. Ze vonden het erg leuk maar vooral ook interessant. Vandaar zijn we verder gereden naar Glenrowan bekend van de Australische Bushranger Ned Kelly , zie: http://en.wikipedia.org/wiki/Ned_Kelly.
Klik hier voor de foto's van November.

zaterdag 2 november 2013

Oktober 2013

Van de kust bij Hervey Bay zijn we weer wat het binnenland ingegaan. Onze volgende bestemming was Sharyn en Ralph. Zij woonden tot 2 jaar geleden in Denham en zagen via Facebook dat we “in de buurt” waren dus nodigden ons uit om daar te verblijven.  Zo’n uitnodiging slaan we natuurlijk niet af. We hebben lekker bijgekletst en geroddeld natuurlijk. Tevens lekker gegeten en de nacht op hun “landgoed” van 2 ha doorgebracht tussen de honden, geieten en kippen. Het was erg gezellig. Zij gaven ons tevens het telefoonnummer van Vicki en Hans, vrienden van hun, die ook in Denham hebben gewoond en bij ons hebben gewerkt bij Oceanside Village als personeelslid nummer 2 en 3. Maar een uur rijden bij hun vandaan. Eerst maar even gebeld en we waren van harte welkom. Wederom blijven overnachten op hun “landgoed” deze keer van 3 ha met een eigen bos en vijver. Weer erg gezellig en lekker bijgekletst. Hierna waren we weer op ons zelf aangewezen maar bij Hans en Vicki hebben we weer water opgevuld, en verse eieren gekregen dus we konden weer vooruit. Van daar zijn we naar de Bunya Mountains gereden. Vele stijle hellingen en smalle wegen dwars door het regenwoud. Op bijna 1200m hoogte lag een mooie campground. Omdat het een National park is moet je hier $5 per persoon per dag betalen maar met gewone toiletten en een hete douche is dat ook een koopje. Op en rond de campsite waren vele kangaroes aanwezig. Het was paringstijd en dat betekende oppassen, want als een mannetje er klaar voor is rent hij alle vrouwtjes als een gek achterna en als je niet oppast springen ze je zo om. Als automobilist moet je dan een heuze noodstop maken zoals een ranger merkte toen hij net het terrein op wilde rijden. Verder waren er vele brutale, bijna tamme vogels en papegaaien. Je kunt goed merken dat ze aan mensen gewend zijn, ze zitten zo op je stoel of zelfs op tafel. We zijn hier 2 nachten gebleven en op zaterdag ochtend weer vertrokken. Er was vrijdagavond een invasie van mensen met tenten aangekomen, zo te zien voor een familie uitje of zo. Zo zijn we verder het binnenland ingereden en de mensen die we tegenkwamen werden steeds vriendelijker. In 1 dorpje hadden we gezocht naar een geocache en toen werd ons gevraagd door een ouder stel of we even met ze wilden praten. Ze zagen zoveel mensen hier stoppen en daarna weer vertrekken, daar wilden ze toch het fijne van weten. We hebben maar gezegd dat we dachten dat er bij deze picknickplaats een toilet was wat niet het geval was. Natuurlijk wilden ze weten waar we vandaan kwamen en waar we naartoe gingen en hadden nog een aantal leuke tips voor ons. In het dorpje Millmerran iets verder op hebben we 2 nachten gekampeerd op het dorpsplein. Er stonden nog een aantal kampeerders maar iedereen zat binnen. Het was lekker weer en wij zaten dus buiten toen er een auto aan kwam met een man die ff een praatje met ons wilde maken want hij was maar alleen en de pub was nog  niet open. Hij was nog maar net weg toen de volgende aankwam. Die vertelde ons een en ander over de omgeving en wij waren op een aantal plaatsen geweest waar hij ook was geweest dus de fotoboeken van hem kwamen te voorschijn. Hij zat al weer in de auto klaar voor vertrek toen hij weer uitsapte en zei: “ik heb nog iets voor jullie”. Uit zijn kofferbak haalde hij een “damper” een zelfgebakken brood, gebakken in een campoven op een houtvuur. Echt heel erg aardig en het smaakte erg lekker maar was wel veel machtiger dan het “normale” brood. Weer een dorpje verder waar we kampeerden kwam een dorpsbewoner even met ons praten. Hij gaf ons wederom een aantal tips voor een mooie route. En zo kwamen we terecht bij een heuse gletsjer bij Rocky Creek. Nee er is geen ijs (meer) te zien maar het gaat om een gletsjer uit de Carboniferous periode, ongeveer 290 miljoen jaar geleden. Omdat daar ook een campeerplek was hebben we daar de nacht doorgebracht en ondanks dat er geen ijs was in de gletsjer was het er wel ijskoud in de nacht. De volgende dag zijn we doorgereden naar Mt Kaputar NP om daar “Sawn Rocks” te bekijken. Deze op, vijf en zes hoekige, op orgelpijpen lijkende rotsen, lijken met een zaag te zijn bewerkt. Ze zijn hoog maar zitten ook nog eens ongeveer 60m diep in de grond. Deze vorm is ontstaan door de snelle afkoeling van lava en zijn slechts 21 miljoen jaar oud. Het geheel lijkt een beetje op de “Giant Causeway” of Stepping Stones” die we ooit in Ierland hebben gezien, alleen komen die maar net uit de grond. Wilanda dacht dat het misschien wel precies aan de andere kant van de wereld was. Vervolgens hebben we ons naar Narrabri begegevn waar de rally op maandag van start zou gaan. We kwamen lekker vroeg aan op vrijdag dus we dachten dat we wel een van de eersten zouden zijn. Nou niet dus. Narrabri was overspoeld met campers, er waren er echt al honderden. Je kon op 3 plaatsen camperen en wij hebben voor een rustige stek gekozen. Op maandag hebben we eerst gewassen en water opgevuld en toen we aankwamen bij het terrein waar de rally werd gehouden konden we gelijk inchecken. Om 8 uur ’s-morgens stond er een hele grote rij voor de poort. Na het opzetten van de camper even kennis gemaakt met de buren. Bleken ook nog Nederlanders te zijn die in 1956 naar Australie zijn gekomen en ze spraken nog goed Nederlands. En het waren niet zomaar Nederlanders! De achternaam: Bauer en ja hoor nog familie van Fransje ook!
Wilanda heeft zich met name beziggehouden met creatieve zaken, schilderen en een kertsbal versieren, en Johan heeft wat seminars gevolgd en gebowld. We hebben een kookdemomnstratie bijgewoond van een heuze “master chef” die een Thaise salade en een hele grote Paella maakte, een pan van ongeveer 1.5 m doorsnee. We mochten ook proeven, en gezien het gehalte uien, de hele bodem was bedekt, had Johan dus een dubbele portie! Verder zijn we nog naar de markt geweest en hebben we uitleg gehad over de katoenteelt die daar in de buurt veel wordt verbouwd. Er waren ook nog een aantal klassieke auto’s te zien evenals echte oude caravans waarvan sommige nog regelmatig worden gebruikt. Het entertainment in de avond was voornamelijk Rock en Roll, iets waar nogal wat commentaar op was omdat het allemaal een beetje het zelfde was. Op vrijdagavond was er nog een feestavond met als thema: Gangsters. Erg gezellig. Al met al was de rally interessant maar vooral gericht op de oudere deelnemers maar de bedoeling is om dit te gaan veranderen. Voor 2015 staat er een mega rally gepland van zo’n 2000 motorhomes waarbij men ook de jongere generatie meer bij wil betrekken. We wachten af.
Klik hier voor de foto's

woensdag 2 oktober 2013

September 2013

In de maand september hebben we niet veel kilometers gemaakt. Allereerst was onze camper toe aan een grote onderhoudsbeurt na onze trip naar Cape York. Hier en daar rammelde er wat en zaten dingen een beetje los. Ook was de vloer wat gaan opzetten, dit werd veroorzaakt doordat men een hitteschild was vergeten te plaatsen aan de onderkant, boven een gedeelte van de uitlaat. Deze reparatie werd weliswaar onder garantie uitgevoerd maar we waren de motorhome dan wel voor een week kwijt. We zijn dus weer in Surfers Paradise beland, het is daar goedkoop en kennen na vorig jaar daar de weg. We hebben wat geluierd, gelezen en een paar geocaches gedaan. Verder hebben we bingo gespeeld bij de RSL club waarbij we aardig in de (geld)prijzen vielen en ook nog een tegoedbon voor een ontbijt. Helaas was deze maar voor 1 persoon, maar goed een (2e) lekker ontbijt voor $10 slaan we niet af natuurlijk. Tevens zijn we nog naar het “Gold Coast Cultureel Festival” geweest. Hier waren verschillende optredens van dans en zanggroepen van diverse nationaliteiten en veel kraampjes van verschillende landen. Bij sommige kon je alleen eten maar andere hadden ook informatie over de verschillende landen. Bij de China stand kon je een spelletje doen door maiskorrels met chop-sticks van het ene bakje in het andere over te doen of je kon een woord leren. Als je dat goed kon uitspreken dan mocht je je hand stekendoor het rijstpapier waar het woord was opgeschreven en daaronder zat een prijs die je mocht houden. Johan won een boekenlegger, altijd handig. Bij het standje van Ethiopie kon je koffie drinken en werd er wat verteld over de cultuur van het koffiedrinken. Als je daar een probleem hebt met iemand nodig je die uit voor de koffie en dan wordt het probleem opgelost onder het genot van een bakje koffie. Zou handig zijn als dat in de rest van de wereld ook zo zou werken. De koffie werd in zo’n klein kopje gedaan waar turkse koffie ook in gaat. De koffie smaakte goed was alleen een beetje erg zoet. We waren blij dat onze camper weer helemaal in orde was en we deze konden gaan ophalen. Vervolgens alles weer ingeladen en weer op pad. We zijn vervolgens naar Hervey Bay gereden. Hervey Bay ligt op dezelfde hoogte als Denham maar dan aan de oostkust van Australie. Alleerst hebben we 6 nachten gekampeerd bij Ken en Carol. Deze mensen hadden we eerder ontmoet in Chillagoe en Christmas in July en waren erg gezellig. We kregen daar de beschikking over de granny flat maar hiervan hebben we alleen de toilet en douche gebruikt. We zijn een paar keer met hen op pad geweest, ze hebben ons de highlights van Herven Bay laten zien en wij hebben ze geintroduceerd in geocaching. Carol had al snel de 1e en 2e cache gevonden maar toen werd het iets lastiger, de cache bleek namelijk verdwenen te zijn. Later in de week zijn we ook nog met ze naar de (grote) markt in Maryborough geweest waar we ook nog een paar caches hebben gevonden. We hebben zelfs een paar keer hun 2e auto mogen lenen om zelf op pad te gaan. Als “beloning” heeft Johan het gras voor ze gemaaid. Ze hebben een grote tuin, zo’n 20.000 vierkante meter met veel gras en ze hebben een heuze zitmaaier dus zij waren blij en Johan in zijn nopjes! We hadden ook een cruise geboekt op woensdag om walvissen te gaan kijken. Deze werd echter vanwege de harde wind geannuleerd en nu konden we pas weer op zaterdag terecht. We hadden gepland om vrijdag te vertrekken maar geen nood, we kennen nog meer mensen in Hervey Bay dus zijn we nog 2 nachten bij Ray en Val gebleven die we kennen van dezelfde evenmenten als boven genoemd. Val heeft een poppenverzameling zo groot dat ze een museum zou kunnen beginnen. We hebben ze niet geteld maar zeker meer dan duizend. Sommige zijn ook nog veel geld waard, een er van heeft ze onlangs via e-bay verkocht voor $2000. Een heel bijzondere verzameling. Zowel bij Carol en Ken als Ray en Val was het erg gezellig. Bovendien handig dat je zo ergens kunt staan bij iemand in de achtertuin. De excursie naar de walvissen was geweldig. Wat zijn die beesten groot. Bij de geboorte al ruim 2000 kilo en ze groeien zo’n 80 kilo per dag. Maar ja wat wil je met 800 liter melk per dag. Een volwassen walvis kan tot 50.000 kg wegen. Het is erg mooi om ze zo uit het water te zien komen en weer neerplonsen. Ook het flappen met de staart maakt een geweldig lawaai en er spat veel water op. Van Hervey Bay zijn we doorgereden naar Tin Can Bay. Hier komen net als in Monkey Mia de dolfijnen aan de kant en kun je ze voeren. Het is niet zo commercieel als bij ons maar het blijft toch bijzonder.
Van Tin Can Bay zijn we verder gegaan naar Rainbow Beach. Dit is ook het punt waar de barge (ferry) naar Fraser Island gaat. Dit is het grootste zandeiland ter wereld en je kunt daar veel 4wd rijden en vooral veel over het strand. Na uitgebreid overleg hebben we besloten toch maar niet te gaan. De overtocht is vrij prijzig, het is er druk vanwege de schoolvakantie en tja we hebben net alles weer in orde met de camper. Dit zeker nadat we hoorden dat de tourcompany, die dagtours doet naar Fraser Island, nog nooit zoveel schade heeft gehad aan hun 4x4 bussen, als dit jaar. Misschien de volgende keer.
Klik hier voor de foto's van September 2013
Korte videoclip walvis die uit het water springt

woensdag 4 september 2013

Augustus 2013

Van Port Douglas zijn weer naar Daintree doorgereden waar we wederom hebben overnacht bij Sue en Marley, Byron was werken deze keer. De volgende dag vroeg op pad om de veerpont te nemen naar Cape Tribulation en vervolgens op weg naar de “Bloomfield Track”. Dit is een echt 4wd track met vele kuilen en gaten wat dwars door het regenwoud heen gaat. Er zijn enkele hele stijle hellingen en een er van moesten we terugschakelen naar de 1e versnelling om omhoog te komen. Tevens moet je een aantal riviertjes oversteken maar de hoogte van het water viel alleszins mee diepste was ongeveer 50 cm. Deze route is een korte route naar Cooktown, onze volgende bestemming. Kort in afstand maar veel langer in tijd maar wel leuk! Cooktown is de plaats waar James Cook in Australie aan land is gekomen in 1770 en de Engelse vlag heeft geplaatst waarmee Australie tot Engels grondgebied werd verklaard. Volgens de Engelse en Australische geschiedenis was dit tevens de eerste Europese voet op Australisch grondgebied. In de loop van jaren zijn er feiten bovenwater gekomen dat in 1606 Willem Janszoon met het schip “De Duyfken” op Cape York nabij Weipa aan land is gekomen maar wat hij zag was onaantrekkelijk kaal land en daar wilde men niets mee. Nu blijkt dat stuk land een van de rijkste Bauxiet mijnen te wereld te zijn. Daarnaast is in 1616 Dirk Hartog aan land gekomen bij Shark Bay en heeft daar ook als bewijs een met  de hand gegraveerd bord achtergelaten. James Cook was dus zeker niet de eerste Europeaan op Australische bodem! Op zondag hebben we in Cooktown weer eens een potje gebowld! Het was een weerzien met velen van het ‘Christmas in July” treffen. Het was erg gezellig en als afsluiting kregen we ook nog een gratis BBQ aangeboden! De volgende dag was het dan eindelijk tijd om te vertrekken naar Cape York maar eerst Wilanda weer even de was doen en Johan zou de boodschappen verzorgen. Bij de camping winkel kwam hij nog een “oude bekende” tegen iemand die 2 jaar geleden was verhuisd van Shark Bay naar Cooktown. Even bijkletsen dus. Zodoende was het al weer ruim in de middag voordat we vertrokken. We namen de binnendoor route via Battle Camp Road, wederom onverhard. Het was echter een redelijke goed pad dus we konden aardig opschieten en hebben ons kamp opgeslagen bij de Laura River. De volgende dag via het Lakefield NP naar het noorden. Onderweg hebben we vele meertjes gezien met heel veel witte waterlelies. Ook eentje met rode/roze maar die waren zo goed als uitgebloeid. De volgende overnachtng was in Coen, het laatste dorp voor de top van Cape York nog zo’n 700km te gaan. Toen we aan ons ontbijt wilden beginnen stond er plotseling een journalist op onze “stoep” die ons voertuig heel interessant vond. Ze hadden er zelf ook naar gekeken maar hadden gekozen voor de compactere All Terrain Warrior die wij destijds ook hadden bekeken. Ze was journalist voor het blad “The Wanderer” het clublad van de caravan en camper club waarbij we ook aangesloten zijn en heeft ons geinterviewd. Ze wilde weten waar we allemaal geweest waren en wat onze plannen waren. Als het goed is komt het volgende maand in het blad, we zijn benieuwd. Omdat het inmiddels bijna lunchtijd was hebben we eerst maar ontbeten en besloten om nog maar een dagje in Coen te blijven. De dag erna zijn we zonder verder oponthoud vertrokken en via Archer River roadhouse en Moreton Telegraph station doorgereden tot aan Bramwell Station, het meest noordelijke nog werkende cattle station van Australie waar toeristen ook erg welkom zijn. Van hieruit de volgende dag iets verder naar het noorden om vervolgens een pad van 27 km te volgen naar Captain Billy Landing. Deze 27km duurde echter maar liefst bijna 2 uur. Niet alleen was de weg slecht, er waren ook veel lage bomen die ontweken moesten worden. Maar het was de moeite waard, we werden beloond met een giga mooie campeerplaats direct aan het strand en er was bijna niemand. Klik hier voor filmpje. We zijn hier 2 nachten gebleven. Vanuit deze campeerplaats moesten we dezelfde weg weer terug en verder naar het noorden waar we zijn gestopt bij de veerboot over de Jardine River. Bij het roadhouse aldaar is een campeerplaats waar we hebben overnacht en waar we bij het kampvuur hebben gezeten met BJ en Kym die ook op weg waren naar “de Tip”. De volgende morgen hebben we op tijd de veerboot genomen. Zo’n beetje vergelijkbaar met de pontjes over de maas van 50 jaar geleden. Kosten $129 voor een retour, een ritje van ongeveer 1 minuut. Maar hierbij zit dan wel de permit in om in noordelijkste deel te camperen. Van de ferry zijn we doorgereden naar Bamaga om weet wat voorraad in te slaan en weer even email etc. bij te werken. Hier vandaan was het nog ongeveer 40km naar de Tip, weer dwars door het regenwoud over smalle paadjes met hier en daar nog een riviertje oversteken. Zonder problemen kwamen we na ruim een uur aan bij het meest noordelijke punt, althans wat met de auto te bereiken was. Van daaruit was het nog een wandeling van ongeveer een half uur waarbij je hier en daar over wat rotsen moet klauteren maar uiteindelijk stonden we dan op het meest noordelijke punt van Australie. Aan de overkant kun je dan de Torres Strait eilanden en Papua Nieuw Guinea zien liggen. Je zou bijna kunnen zwemmen maar gezien de vele krokodillen hier niet aan te bevelen. Het is een lange weg met erg veel gehobbel maar toch wel bijzonder als je de tocht hebt volbracht. Voor ons was het de 2e keer dat we hier waren maar de 1e keer was met een georganiseerde reis en dat is toch anders! Van hieruit zijn we doorgeden naar Somerset, althans de ruine er van, want hier kon je ook overnachten.  Het zag er mooi uit maar helaas konden wij er door de lage bomen niet echt goed staan. We zijn derhalve doorgereden naar Loyalty Beach. Een aardige camping aan het strand waar we ook nog een andere SLR tegenkwamen, deze keer een donker groene. De volgende dag zijn we doorgereden naar Mutee Heads waar we met onze permit gratis mochten kamperen. Wauw! Wat een mooie plek. Het leek wel een onbewoond eiland. Uiterst links stond nog een kampeerder en uiterst rechts stonden wij voor de rest helemaal niemand! Ongeloofelijk. De 2e dag kwamen er nog wat vriendelijke vissers vis afleveren die ze hadden gevangen maar het was te veel voor ze. Nou voor ons niet hoor! Op traditionele Australische wijze bereid, in aluminiumfolie op de gloeiende houtskool van het kampvuur! Na 2 nachten zijn we hier vertrokken en zijn we langzaam met de terugreis begonnen. Net voor Mt Molloy hebben we eerst 3 nachten “gekampeerd bij de boer” om weer een beetje bij te komen van alle beslommeringen, alles weer vast te draaien wat los getrild was, stof verwijderen van binnen en buiten en de camper ook gedeeltelijk gewassen van buiten. Van hieruit zijn we weer naar Byron, Sue en Marley gereden voor de 3e keer bij hun gekampeerd. De 1e avnd heeft Wilanda het eten verzorgd en de 2e avond zijn we met zijn allen wezen eten bij Mojo’s in Mossman. Daar hebben we echt heerlijk gegeten en Wilanda heeft hier als toetje met Marley samen een chocolade foundue gedaan. Op zaterdag hebben we hun weer verlaten en zijn we doorgereden naar Paronella Park, zie http://www.paronellapark.com.au/ . Een heel bijzonder park aangelegd door een spanjaard genaamd Jose Paronella. Hij kwam als (land) arbeider naar Australie in 1913 en heeft na heel hard werken een groot stuk bos gekocht met een waterval in 1929. Dit heeft hij geheel aangelegd als park inclusief een heus kasteel. Hoogtepunt was de bouw en aanleg van een waterturbine die stroom moest gaan opwekken om de waterval te verlichten en dit is gerealiseerd in 1933. De stroom is later ook voor het huis en kasteel gebruikt. Nu, na enig onderhoud en uitbreiding, wordt de stroom opgewekt voor het hele complex, inclusief het bijbehorende caravanpark en wordt de rest van de opgewekte stroom teruggeleverd aan het stroomnet. Hoe bijzonder! Als je hier een toegangskaartje koopt zijn zowel de avond als dagrondleiding inbegrepen en mag je gratis overnachten op het caravanpark. Het was bijzonder interessant zeker voor iedereen aan te bevelen. De volgende dag gingen we even langs bij Kym en BJ die we op weg naar Cape York hadden ontmoet om even koffie te drinken zij wonen namelijk maar 5 minuten van het park af. Koffie drinken werd vervolgens camper neerzetten, overnachten en mee-eten! Heerlijke chili-crab, om je vingers bij af te likken! En als toetje een Pomelo, dit is een citrusvrucht groter dan een grapefruit maar lekker fris van smaak. Zo kwamen we niet veel verder, waarschijnlijk net 10 km gereden, maar het was wel erg gezellig. Nadat we weer op pad waren hebben we een paar mooie plekjes bezocht en weer aan een mooi strand gecampeerd. Onderweg naar Brisbane waren wegwerkzaamheden aan de gang en daardoor moesten we een stukje langzaam rijden. Tijd om rond te kijken dus en plots zag Wilanda een bord  “Bambooland”. He, dat ken ik riep ze, en Johan had even niet door wat er aan de hand was. Ze begon gelijk te graaien in haar tas op zoek naar een papiertje met naam, telefoonnummer en email adres van Mona en Klas, die we in April hadden ontmoet in Kalgoorlie, eigenaren van een zelfde camper als wij hebben, en de eigenaren van Bambooland, zie http://www.bambooland.com.au/. Even gebeld en ja ze waren thuis! Weer op de koffie dus en ook dit werd weer overnachten en deze keer maar junkfood gehaald. We hebben een mooie rondleiding gehad en waren zeer verbaasd over de vele soorten bamboe. En hoe inmens hoog sommige soorten worden maar ja in het groeiseizoen groeien sommige maar liefst 1 meter per dag. Dankzij Mona is Wilanda nu helemaal om, en in het bezit van een tablet, en wat is het gaaf zo wat te tekenen, een boek te lezen of handschrift herkenning sudoku te spelen. Het was weer erg gezellig en leuk om ervaringen uit te wisselen. We hebben inmiddels al heel wat adresjes verzameld en als dat zo door gaat hebben we straks helemaal geen campings meer nodig. Lol

donderdag 1 augustus 2013

Juli 2013

Na vele kilometers onverhard kwamen we via de “Gulf Developmental Road” (weg onder constructie zeg maar) weer de bewoonde wereld van Queensland binnen via Croydon, Georgetown en Mount Surprise. Een route die we in 2006 ook hadden gereden en er was inderdaad een aantal kilometers weg meer verhard. Bij de Cumberland Chimney vlak bij Georgetown hebben we destijds geluncht en dat was nu ook weer het plan. Er was nu echter een mooie campiste bij het meer dus we besloten om er ons kamp op te slaan alhoewel het erg vroeg was voor ons doen. We hebben er veel watervogels gezien maar ook een paar Palm Cakatoos. Dit zijn zwarte kaketoes met een rode staart en ze maken veel herrie. Bij Mount Surpise kregen we een gratis wasbeurt in de wasstraat. Al het verkeer wordt vriendelijk verzocht om hier doorheen te rijden ter voorkoming van de verspreiding van onkruid. Omdat onze camper wel aan een wasbeurt toe was zijn we er maar liefst 3 x doorheen gereden, echt Nederlands he! Onze volgende stop was de Millstream Falls. Dit is Australie’s breedtse waterval. De weg vervolgend kwamen we bij the Great Dividing Range. Hoge bergen met veel haarspeld bochten je waant je zo in Zwitserland of Oostenrijk maar het is niet zo kaal. Door de hoge temperaturen en de vele regen is hier in de loop van jaren een regenwoud ontstaan. Erg mooi om te zien maar wel nat en zelfs koud, althans voor onze begrippen dan, en zodoende moesten zelfs de lange broeken uit de kast. Volgens Johan zijn eerste verjaardag met regen. Vanwege de regen waren we dus een beetje gebonden aan binnen activiteiten. In Herberton hebben we daarom het “Spy” museum bezocht, of eigenlijk beter “Camera” museum. Vele oude cameras vanaf eind 1700 met de originele fotos er nog bij. De eerste foto’s op een metalen plaat en ook al 3-D foto’s in die tijd. De collectie bevatte ook een aantal echte cameras gebruikt door spionnen van de KGB en James Bond. Erg interessant! In de dagen er na hebben we nog wat watervallen bezocht en het historisch museum in Herberton. Dit was een soort openluchtmuseum waar je makkelijk een dag kon doorbrengen. Omdat de weersverwachting nog meer regen was besloten we om maar iets verder naar het noorden te rijden naar Cairns, want daar is het altijd warm vertelde men ons. Nou niet toen wij daar waren, het kwam met bakken uit de hemel. Onderweg bij een markt hebben we nog wat lotjes gekocht om het goede doel te steunen (Lions Club) en wat denk je: wonnen we een breakfast tray! We zijn nog iets verder doorgereden naar Daintree waar Byron, Sue en hun dochter Marley wonen. Zij woonden tot een jaar geleden in Denham en we waren altijd welkom. We hebben daar een paar dagen doorgebracht en nog wat lokale uitstapjes gemaakt met hun. Wederom in de regen maar we hebben ons uitstekend vermaakt. Van daaruit zijn we teruggereden naar Mareeba. Allereerst om hier onze post op te halen maar er was ook een rodeo. En niet zo maar een rodeo, de op een na grootste van Australie. Dit begon op zaterdag en men had ons al verteld om op tijd daar te zijn dus toen we er vrijdagmorgen aankwamen wisten we niet wat we zagen. Zo’n kleine 500 campers waren al geinstalleerd en er waren nog maar een paar plaatsjes over maar dat was genoeg voor ons! Hier werden we uitdrukkelijk verteld dat we “seniors” waren zodat we in plaats van 80 dollar slechts 50 dollar moetsen betalen voor 3 nachten camperen en entree tot de rodeo het hele weekend. Het was gigantisch! Naast de rodeo was er een kermis en een hele straat met eten en drinken. We hebben ons dus uitstekend vermaakt. Omdat het slechte weer aan de kust aanhield besloten we naar het binnenland te gaan voor een paar dagen om het plaatsje Chillagoe te bezoeken. Onderweg daar heen kwamen we door het gebied waar koffie en thee planatges zijn en grote velden met suikerriet. In Chillagoe konden we camperen op de Rodeo grounds en hier kwamen we weer mensen tegen die we al eerder hadden gezien. We hadden eigenlijk maar 2 dagen gepland maar het was supergezellig. ’s-Morgens gezamelijk kofiie drinken, pancakes eten , ’s-middags een spelletje jeu des bouls of disc bowls en elke avond kampvuur en er kwamen steeds meer mensen met een instrument aanslepen om een deuntje te spelen en of te zingen. Daarnaast organisserden ze een Yabbie (rivierkreeftje) race waarbij de Yabbies per opbod werden verkocht t.b.v. de Flying Doctors. In het weekend was er ook nog een muziekfestival waar ze allemaal naar toe gingen dus wij besloten om te blijven. Er was ook nog een interessante collectie oude Fords van Tom Prior. Zodoende vertrokken we pas na 6 nachten. En al die tijd mooi weer! De groep mensen die we hier ontmoet hebben zijn allemaal lid van dezelfde Camper club als wij en zij adviseerden ons om ook naar “Christmas in July” in Mareeba te gaan. Nou ja waarom ook niet, we hebben immers toch geen vaste planning! Er kwam echter even een ongeplande trip naar Cairns tussendoor. Bij het wegrijden in Chillagoe merkten we dat de snelheidsmeter het niet meer deed. Niet zo’n probleem we hebben immmers ook het navigatiesysteem wat de snelheid aangeeft en binnenkort is de camper toch toe aan een beurt. Na ongeveer 50 kilometer begon er een oranje waarschuwingslampje te branden met een motor teken. Direct gestopt en de gebruikerhandleiding er op na geslagen. Rustig rijden naar de dichtbijzijnde dealer was het advies. We gingen dus verder op weg naar Mareeba en nu merkten we dat de motor inhield. Toen we in Mareeba aankwamen en weer telefoonverbinding hadden hebben we toch maar even de Isuzu hulplijn gebeld. Die verbonden ons door met de dealer in Cairns en de analyse (na uitvoerig telefonisch overleg) was: Het inhouden van de motor word waarschijnlijk door het motor management van de Isuzu geregeld. Omdat de snelhied niet bekend is grijpt het systeem in om ongelukken en verdere problemen / schade te voorkomen. Er werd ons geadviseerd niet verder te rijden ze zouden ons komen slepen en deze kosten werden gedekt door Isuzu onder de garantie. Gezien de afmetingen van de camper, met name de hoogte, moest er echter een soort dieplader komen en die was pas de volgende ochtend beschikbaar. Wij zijn vervolgens naar het dichtsbijzijnde caravanpark gereden. De volgende ochtend werden we al vroeg wakker gebeld, de chauffeur was onderweg. We stonden net klaar met onze camper en toen kwam hij al aanrijden. Er was echter een klein probleem er kon maar 1 passagier mee. Wilanda is dus met de bus naar Cairns gegaan. Ja en dat is wel wat anders dan de bushaltes in Nederland. Het is hier “Hail and ride”. Je gaat langs de weg of snelweg staan, geeft de bus een stopteken hij stopt langs de kant van de weg, vlug instappen en rijden maar. Nu was de route van de bus weer via de haarspeldenweg en dat in een ik-ben-bekend-dus –full speed snelheid. Het moet gezegd Wilanda is eigenlijk nooit ziek of misselijk in de auto. Maar deze buschauffeur kreeg het toch voor elkaar om haar n plastic zakje bij de hand te laten houden! Bij aankomst in de garage was de oorzaak binnen 10 minuten gevonden. De sensor aan de versnellingsbak die de snelheid meet en aangeeft, was kapot. Natuurlijk was het onderdeel niet op voorraad en moesten we hierop wachten. Als het goed is zou het de volgende dag aankomen. Om de tijd nuttig te besteden hebben we de Isuzu gelijk maar een beurt laten geven want dat zat er toch aan te komen en hebben wij een hotel geboekt. Bij de dealer hadden ze een shuttle service die ons naar het hotel bracht en de volgende dag weer kwam ophalen. Goede service dus! Helaas was het onderdeel nog niet aangekomen maar men was inmiddels klaar met de onderhoudsbeurt. Wij de camper opgehaald en dus naar het caravanpark wat er ongeveer tegenover lag en gelijk onze boodschappen gedaan. De volgende dag rond de middag was het onderdeel binnen en na 10 minuten konden we weer op pad. Terug naar Mareeba, alleen nu zelf rijden, op weg naar Christmas in July. Bij aankomst werd ons een plaats om te camperen aangewezen door de organisatie.  In totaal waren er ruim 300 campers en zo’n 500 aanwezigen. Klinkt groots? Nou bij de jaarlijkse rallies die men houdt komen ongeveer zo’n 1000 campers!! Binnen 2 minuten stonden onze “nieuwe vrienden” van Chillagoe al aan de deur. Ze stonden vlak bij ons. Gezellig! Toen we eenmaal stonden was het inmiddels tijd voor de thee. Mok en stoel meenemen en dan werd je voorzien van thee of koffie en koekjes. Hier werden ook mededelingen gedaan over activiteiten en een loterij. Wilanda is naar de handwerkclub geweest en kon gelijk haar nieuwe tricot haken gaan uitleggen aan de aanwezige dames.Dit had ze van Gloria geleerd in Chillagoe, en bij het zien van dit rare haken wilden de dames dit ook leren. Allebei hebben we meegedaan aan het disc bowls. Er was iedere avaond live muziek en op zaterdag was het een groot kerstdiner (buffet) voor 450 personen. We zaten een beetje verspreid maar met Ken en Carol die bij ons aan tafel zaten hadden we veel lol. Het ook wel apart om in july aan een kersttafel te zitten en Santas te zien rondlopen! Ken en Carol zullen hun later nog eens zien, in Cooktown of anders later bij hun thuis. Zondag was er markt en was het tevens open dag voor bezoekers. Een van deze bezoekers had een briefje onder alle ruitenwisser geplaats met een nieuwe campeerplaats net buiten Mareeba voor campers voor slechts 10 dollar. Omdat op maandag iedereen weer ging vertrekken en de wegen in en om Mareeba vol zouden zijn, evenals alle winkels besloten wij om maar eens te gaan kijken bij deze campeer plaats. Het was een soort “kamperen bij de boer” maar erg veel ruimte en heerlijk rustig. We zijn maar 1 nacht gebleven omdat we ook weer verder willen maar zeer een plekje om terug te komen. Via Cairns zijn we verder gereden naar Port Douglas. Een soort St. Tropez van Australie zullen we maar zeggen. Grote huizen, zo mogelijk nog grotere jachten en het ene resort na het andere. Leuk om te zien maar niets voor ons!

zondag 30 juni 2013

Juni 2013


Van Edith Falls hebben we maar een relatief klein stukje gereden naar onze volgende bestemming: Douglas Hot Springs. Dit is een natuurlijke bron waar water van ongeveer 60 graden uit de grond komt en uit de rotsen loopt. Veel te heet natuurlijk om te zwemmen en te poedelen maar toevalligerwijs komt deze stroom samen met een riviertje en zo mengt het water zich. Zo kun je zelf een plekje zoeken wat je aangenaam vindt. Soms krijg je dan wel een natuurlijke hete of koude stroom in je richting. Erg apart maar bijzonder aangenaam. We zijn hier een paar nachten gebleven. Op de terugweg zijn we nog even gestopt bij Fenton Airfield. Dit vliegveld was een van de vele start en landingsbanden in het noorden van Australie gedurende de 2e wereldoorlog. De landingsbaan is nog redelijk intact en we hebben nog even geprobeerd op te stijgen maar zonder succes. In de directe omgeving moeten nog vele oude toestellen staan / liggen evenals andere voorwerpen maar het gras was zo hoog dat we ons daar niet aan gewaagd hebben. We zouden er zelf waarschijnlijk niet zo snel heen zijn gegaan maar er bevond zich daar een Geocache dus we wilden die kans niet voorbij laten gaan. Vervolgens weer niet al te ver gereden deze dag want Darwin begon al te naderen en Pim en Mariette zaten nog een paar dagen achter ons dus we hadden geen haast. We hadden toevallig contact gehad met hun. Ze waren in Katherine en de camper was kapot; chasis gescheurd. Er was een nieuwe camper onderweg en ze zouden morgen de route weer vervolgen. Gelukkig voor ons bevinden er zich in dit stuk redelijk veel Geocaches (waaonder een serie van 14 Geocaches bij bruggen) dus we krijgen de dagen wel vol. Verder naar het noorden zijn we nog gestopt bij de Manton Dam. Dit is de voormalige watervoorziening voor Darwin maar is nu uitsluitend in gebruik voor recreatieve doeleinden. Zwemmen is toegestaan alhoewel er, net als in dit hele gebied eigenlijk, wel krokodillen zitten. Wij hebben ons er dus niet aan gewaagd. Vlak voor Darwin hebben we overnacht op een camping in Noonamah. Zo dicht bij de stad worden de mogelijkheden voor gratis overnachten beperkt maar dit was een betaalbare camping bij een pub. De dame van de receptie zat op haar praatstoel en het duurde een eeuwigheid voordat we ons eindelijk los konden wurmen van haar. Johan wilde helpen met koken en de wortels snijden maar in plaats daarvan sneed hij in zijn duim. Wilanda vond dat het gehecht moest worden, Johan vond het maar onzin, maar goed de vrouw is “de baas” dus op naar de 1e hulp. Gevolg een week zeker niet meer helpen met eten koken en afwassen is uit den bose. Wel nog goed  insmeren met Paw Paw zalf. Dit is zalf gemaakt van de Paw Paw vrucht, een soort Papaya, en dat heelt alle wonden.  Door de vertraging kwam er dus niets meer van eten koken en hebben dus we maar eens fish en chips gegeten. Na het eten even kijken of er een update was van Pim en Mariette. Ze hadden de nieuwe camper gekregen maar deze had ook diverse gebreken. Hiermee was de maat vol en besloten zij direct door te gaan naar Darwin en op kosten van het verhuurbedrijf in een huisje te gaan zitten. Ze waren ons dus ergens voorbij gekomen, waarschijnlijk terwijl wij ergens op zoek waren naar een geocache. De volgende dag dus maar direct naar het zelfde caravanpark doorgereden waar zij een huisje hadden waar we werden getracteerd op hotdogs en waar we gezellig hebben bijgekletst onder het genot van een koud biertje, of hup zoals zij dat noemen J en een potje “wormen”. Dit is een grappig spel wat inzicht en tactiek vereist maar vooral gezellig is onder het genot van dat koude biertje. ’s-Avonds hebben we gezamelijk ge-BBQ-ed en uiteindelijk de eerder genoemde wortels maar eens opgegeten. De volgende dag zijn we met de bus naar darwin gegaan. Heel bijzonder was dat er in de bus gratis wifi beschikbaar is. Dit vooral tot groot plezier van Pim. Allereerst zijn  we naar de wave-lagoon gegaan. Dit is een soort golfslagbad eigenlijk op het strand zodat je rustig van de golven kunt genieten zonder de kans te lopen door krokodillen of haaien te worden lastig gevallen. Vooral Pim wilde hier graag even een duik nemen. Nou ja, hij is tenslotte de jongste nietwaar? Johan ging ondertussen even koffie halen. Nou even.... Mariette dacht hij die in Colombia was halen want het duurde even maar ja 3 cappucino en een zwarte koffie is ook niet nakkelijk natuurlijk! Vervolgens hebben we Pim en Mariette geintroduceerd in Geocaching. We hadden het hier al een paar keermet hen over gehad met en ze waren benieuwd hoe dat in ze werk ging. Het ging bij de 1e al direct mis. We konden de Geocache niet vinden L. Op naar de volgende en die vonden we direct. Mariette wil de cache direct pakken maar Johan zei: pas op voor de slang! Mariette schrok even maar je moet natuurlijk nooit zomaar je hand in een donker hol stoppen, zeker niet hier. Dus eerst even kijken voor spinnen en slangen of andere kleine reptielen en dan hand er in! De cache was snel gevonden. Omdat we toch weer bij de 1e langskwamen hebben nog maar eens gekeken en nu vonden we de cache vrij snel. Zo hebben we er die dag zeven gedaan en Pim en Mariette hadden het virus ook te pakken gekregen.  Al geocachend hebben we zo ongeveer heel Darwin doorgelopen en aanbeland in Cullen Bay hebben we ons getrakteerd op wederom een koud biertje. Of beter gezegd, de bar heeft ons getrakteerd want om onduidelijke reden was het 1e rondje gratis. Tijd voor een 2e ronde dus!  Van al dat lopen wordt je hongerig  dus hebben we ons tegoed gedaan aan een “All you can eat” seafood buffet. Je kon het zo gek niet opnoemen of het zat er bij. Omdat bijna overal ui in zit werd er voor Wilanda een apart garnalen gerecht gemaakt, uiteraard zonder ui. Het eten was erg lekker en vervolgens zijn we nog naar de Mindl Markets gelopen. Een avondmarkt waar vooral heel veel eten aangeboden wordt maar ook diverse snuisterijen, sieraden, souveniers, te veel om op te noemen. Het was inderdaad een grote markt, de grootste die we tot nu toe hebben gezien hier. De laatste dag dat Pim en Mariette er waren moesten ze de camper inleveren. Gelukkig werden alle eisen ingewilligd en hebben ze een redelijke schadeloosstelling gekregen van de verhuurder. Omdat ze hun overgebleven eten, drinken etc bij ons hadden achtergelaten heeft Wilanda haar lievelings gerecht Chicken Biryani als “laatste avondmaal” voor Pim en Mariette gemaakt, wij hebben er natuurlijk ook van gegeten. Na de koffie was het tijd om afscheid te nemen, althans dat dachten Pim en Mariette maar wij zijn nog even meegegaan naar het vliegveld om ze uit te zwaaien. Nou ja we wilden zeker zijn dat ze weg waren natuurlijk ;). Maar wellicht zien we ze weer eens.... Er werden al voorzichtige plannen gemaakt en ideeen uitgewisseld waar ze de volgende keer naar toe zouden kunnen gaan. Wie weet! Nu Pim en Mariette weer vertrokken zijn was het voor ons tijd om Darwin weer (tijdelijk) de rug toe te keren en de omgeving verder te gaan verkennen. Via Howard Springs Nature Park zijn we doorgereden naar Gunn Point. Dit is een landtong ten oosten van Darwin. In het begin kom je nog wat Mango plantages tegen en daarna is het vooral erg leeg. Bij Gunn Point kun je de overblijfselen zien van een voormalige “boerderij gevangenis”. Hier werden de gevangen tewerkgesteld op een boerderij. Ontsnappen via water is onmogelijk vanwege de krokodillen en de enige weg naar de bewoonde wereld is lang. Tussen de overblijfselen, grotendeels vernield door vandalen, kon je o.a. nog de doucheruimtes en de keuken herkennen. Tevens waren er 2 schuilkelders voor het geval er cyclonen zouden komen. Nou ja schuilkelders: groot uitgevallen rioolbuizen die aan beide kanten konder worden afgesloten met aan 2 kanten houten bankjes. Hiervandaan zijn we nog iets verder gereden naar Lee Point waar een soort camping was waar we de nacht hebben doorgebracht. Van de oostkant van de highway zijn we naar de westkant gegaan naar het Cox – schiereiland. Hier was het veel groener en deed het veel meer tropisch aan dan de oostkant. We vonden een camping bij een roadhouse en we kregen een plaats toegewezen van de eigenaar tussen 2 andere campeerders in. Een beetje krap maar ja, het was toch maar voor 1 nacht. We waren goed en wel geinstalleerd en beide buren kwamen “thuis”. De 1e zette zijn auto en boot neer, zo hadden we nog minder plaats maar goed het was te doen. Toen de 2e arriveerde leek het wel of de 3e wereldoorlog uitbrak. We stonden op hun plaats, hoe konden we nou zo brutaal zijn... we hebben maar uitgelegd dat ze hun beklag maar moesten doen bij de baas, hij had ons hier immers neergezet. We hebben er verder weinig hinder van ondervonden en de volgende dag zijn we vertrokken naar Litchfield NP. Een gedeelte van het park hadden we in 1998 ook al bezocht en ook hier veel veranderingen. Mooie wandelingen gemaakt naar verschillende watervallen en bij enkele ook naar de top geklommen. Omdat we nog 4 dagen moesten wachten voordat we de motorhome konden laten uitlijnen besloten we 2 nachten in Batchelor te blijven op een camping. Batchelor is de 1e plaats in Australie waar Uranium is gevonden. In het dorpje hebben we de “heritage” wandeling gemaakt die je langs alle belangrijke historische feiten brengt. Ook kom je tijdens de wandeling langs de lokale supermarkt en net zoals in Nederland heeft ook hier iedere supermarkt een advertentiebord. Daar zagen we een advertentie voor “housesitting”. Dit wordt hier veel gedaan, je kunt dan in het huis van iemand verblijven voor een bepaalde tijd en in ruil pas je dan op eventuele huisdieren, maait het gras etc. In dit geval was het voor 4 weken en oppas voor 1 hond en 2 eenden. Op weg naar Darwin zouden we hie rlangs komen dus we hebben een mailtje gestuurd dat we eventueel geinteresseerd waren en langs zouden kunnen komen. Niet veel later hadden we een mailtje terug, morgenochtend om 10 voor 8 bij de bushalte! Nou ja, wel vroeg maar goed je moet wat. We waren uiteraard ruim op tijd en maakte kennis met Shaz, de eigenaar van het huis. Ze reed ons voor naar de plaats van bestemming. De vacature van housesitter was al vervuld, maar nou we er toch waren konden we misschien wel even een handje helpen. Het huis was namelijk nog in aanbouw en mocht ook wel hier en daar schoongemaakt worden. Johan kon aan de slag met gaten boren en golfplaten vastschroeven en hier en daar een beetje bijknippen. Wilanda kon de badkamer schoonmaken, stofzuigen en wat tuinwerkzaamheden doen. In ruil kregen we dan eten, water en stroom en konden we uiteraard in onze camper gratis overnachten. Het was een bijzonder huis. Beneden geen glas in de ramen maar alleen vliegengaas. Boven wel glas en een prachtig uitzicht. Een bijzonder huis en een bijzondere ervaring. Toen we weggingen kregen we nog 2 grote steaks, aardappels en groente uit eigen moestuin mee. Vervolgens was het weer richting Darwin voor de uitlijning van de camper en verbleven we 2 nachten in een huisje op het caravanpark waar we eerder ook met Pim en Mariette waren geweest. Mooi tijd om alles weer te wassen, te relaxen, email en facebook bijwerken. Nu was het echt tijd om Darwin te verlaten. In eerste instantie wilden we hier eigenlijk niet heengaan maar we hebben er zeker geen spijt van. Onze eerste stop was weer in Noonamah. Niet zo ver bij Darwin vandaan maar we hadden gezien dat hier in het weekend een rodeo plaatsvond en dat wilden we ook wel eens van dichtbij meemaken. We hadden gekozen voor goede plaatsen zodat we het goed konden zien. Het begon rustig met dames die te paard een rondje om 4 tonnen moesten draaien en de snelste tijd was de winnaar. Vervolgens was het de beurt  aan de junior rodeo rijders, sommige niet ouder dan 6 jaar. Daarna was het senioren op een paard met een half zadel , zonder stijgbeugels en met 1 hand in de lucht. Daarna kwamen uiteindelijk de grote mannen en de grote stieren. Het was een waar spektakel. Sommige waren en direct af en duurde het langer om de stier uit de arena te krijgen dan het rijden zelf. Tussendoor nog wat entertainment van motorcrossers die van de ene schans op de andere sprongen en los van de motor gingen en zelfs backflips deden. Als afsluiting waren en nog 3 “burnouts”. Dit waren V8 Supercars die een voor een op een metalen plaat gingen staan en de achterwielen zolang lieten spinnen totdat al het rubber er af was en de banden explodeerden. Gelukkig voor ons was dit aan de andere kant van de arena en stond de wind gunstig voor ons. Wat een rook en stank! Maar al met al een zeer geslaagde avond. Wij zijn na afloop naar onze camper gegaan maar er was ook nog een bokstent en er trad een bandje op. Vanwege de muziek kwam van slapen nog niet veel terrecht dus we hebben nog maar even nageborreld in de camper. De camping was namelijk naast de rodeo areana. Vanuit Noonamah zijn we langzaam naar het zuiden gereden en zijn o.a. gestopt bij Mataranka. Ook hier waren we al 2 x eerder geweest maar hier hebben ze een aantal  “hot springs” (warm water bronnen) dus we besloten om deze keer naar “Bitter Springs” te gaan omdat we wel weer even een lekker warm badje wilden. Het viel een beetje tegen. Het water was niet echt warm en het was behoorlijk druk. We hebben wel even gedobberd en tegen de stroom in gezwommen, (goede conditie training) maar zijn redelijk snel weer verder gegaan. Onze volgende stop was de Daly Waters Pub. Een pub in niemandslad zeg maar. In 1998 waren we hier geweest en toen was het alleen een echte oude pub. Maar toen we aankwamen was het deze keer een echte schok! Er was een groot caravanpark gekomen, caravan niet los koppelen maar gewoon rijtje in rijtje strak langs elkaar gaan staan, en ze verhuurden zelfs huisjes. Iedere avond live-entertainment en “barra en steak” als diner. Nou niet voor ons deze keer. Eerlijk is eerlijk iemand met commercieel inzicht heeft dit slim aangepakt en heeft van een klein dorpscafe een grote toeristische attractie gemaakt.
Daarna was het tijd om de highway weer te gaan verlaten en richting het oosten te rijden via eerst een single track road en vervolgens vele kilometers onverhard. Deze overharde wegen waren van redelijke tot slechte kwaliteit dus we hebben heel wat afgehobbeld. Wel werden we getracteerd op een scala aan dieren. Naast heel veel koeien ook veel wilde paarden, Brolga’s, Kangaroes groot en klein, vele roofvogels en zelfs wilde zwijnen. Inmiddels zijn we nu in Queensland aangekomen waardoor het tijdverschil met Nederland nu +8 uur is. Tot slot wil Wilanda iedereen nog hartelijk danken voor de ontvangen felicitaties.
Klik hier voor de foto's van deze maand

zaterdag 1 juni 2013

Mei 2013


Van Geraldton zijn we naar Kalbarri gereden. We zijn hier al een paar keer eerder geweest en het is een stukje omrijden om er te komen maar deze keer was er een speciale reden om naar Kalbarri te gaan. In het weekend was er namelijk de jaarlijkse uitwisseling met de bowlingclubs tussen Kalbarri en Denham. Omdat ze in Kalbarri op kunstgras spelen en wij in Denham op echt gras spelen zijn we op vrijdag even wezen oefenen. Hier kwamen we de eerste dorpsgenoot al tegen. Het veld speelde niet zoveel anders dan wij hadden gedacht. In totaal waren er van beide clubs 4 teams van 4 personen. Op zaterdag was er eerst een vriendschappelijke partij gevolgd door de eerste wedstrijd. Aansluitend was er een BBQ  georganiseerd door Kalbarri. De overige 3 wedstrijden waren op zondag en dat is dus een volle dag. Ook de lunch was goed voor elkaar maar dat heb je dan ook wel nodig met deze dagen. Na de 1e ronde stonden we precies gelijk en na 3 ronden was er nog maar een minimaal verschil. De laatse ronde was dus van belang. Uiteindelijk won Denham met een straatlengte voorsprong en kon de trofee mee terug naar Denham (of beter gezegd in Denham blijven omdat men deze vergeten waren mee te nemen). Het was een gezellig weekend. Zondagavond hebben we de 60ste verjaardag van onze vriend Dennis gevierd, met een etentje in Kalbarri. Maandag was onze was en pakdag zodat we dinsdag weer op pad konden richting Denham. We hebben nog wat uitkijkpunten bezocht in het National Park die we al eerder hadden gezien maar toen was het erg warm en waren er ook heel veel vliegen. Dat was nu niet het geval en tevens had men overal mooie parkeerplaatsen en wandelpaden aangelegd, die waren er 9 jaar geleden nog niet. Van Kalbarri zijn we doorgereden naar huis. Nou ja Denham dan, ons huis is natuurlijk verhuurd. We zijn even bij de huurders langs geweest en die maken het goed. Het ziet er allemaal prima uit en ze hebben zelfs plantjes in de tuin geplaatst en 2 boompjes. We slapen voor een weekje bij Oceanside Village. Toch anders om daar te slapen dan niet te werken haha. Vrijdag gingen we even wat boodschappen doen, maar ja, we kwamen natuurlijk veel mensen tegen en de dag was bijna om toen we weer in ons huisje waren. Zaterdag is Johan wezen bowlen en hij won weer gelijk de finale met een superhoge score 15 (van de 24) punten. Zondag is Johan weer  wezen bowlen helaas geen prijs deze keer! Wilanda is zondag naar de markt geweest ter ere van het jaarlijks  “vis-festival”. Ook hier kwam zij vele bekenden tegen. Ze was nog maar net bij de bowlingclub toen Pim en Mariette aankwamen. Een superleuk weerzien na 5 jaar. Na wat gekletst en gedronken te hebben zijn we ons allen wezen opfrisssen en daarna wezen eten bij de “Old Pearler”, altijd lekker. Hier kwamen we nog een paar leuke Australiers tegen die ons allen goed hebben geamuseerd. Op maandag moesten we vroeg op omdat Keith van Shark Bay Coastal tours ons kwam ophalen voor een 2-daagse tocht naar Steep Point. Keith nam er de tijd voor en stopte bij vele leuke plekjes die we al diverse malen voorbij waren gereden en nooit hadden gezien. Hij zorgde ook voor de koffie, incl. zelfgemaakte koekjes en cakejes, lunch en diner. Het was dus een echte “vakantie” voor ons. Vlak voor Steep Point hebben we ons camp opgeslagen op het strand, toch wel heel apart. We sliepen in een swag (een soort slaapzak met ingeboude matras) en met swag en al in de tent. Heel comfortabel. Terwijl Keith zijn voorbereidingen ging treffen voor het avondeten hebben wij met zijn allen nog even een lijntje uitgeworpen. Gewoon een handlijntje vanaf de rotsen. We vingen de ene kleine vis na de andere. Johan ving nog een “grote” (30 cm?) zwarte vis met stekels maar toen hij hem op de rotsen had ging hij er vanzelf af en terug in het water dus dat scheelde weer! Na het vissen een biertje en vervolgens aan tafel. We kregen worstjes, steak en mullet (vis) en vele soorten salades. Het was echt heel goed verzorgd. Omdat het wat fris werd zijn we na de koffie gaan slapen, de volgende dag moesten we immers weer vroeg uit de veren. Na het ontbijt een korte rit naar Steep Point. Hier hebben we even rondgekeken en wat foto’s gemaakt en zijn we bij enkele vissers wezen kijken, zij viste vanaf de kliffen. We waren net op tijd! Een van de mannen had een reusachtige haai aan de haak geslagen en moest deze nu zo’n 35 meter omhoog zien te krijgen. Hij hield zich schrap en een aantal andere mannen waren bezig om een touw met lus, soort lasso, om de haai heen te krijgen. Toen dit was gelukt werd er met man en macht (man of 6) aan het touw gertrokken en kwam de haai op de kliffen terecht. Een Tijgershark van 2.6 meter en ongeveer 300 kilo!! Hij was heel trots op zijn vangst! Vandaar uit zijn we doorgereden naar False Entrance. Het mooiste strand van de omgeving en bijna altijd “alleen op de wereld”. Hier hebben nog even schelpen gezocht en toen was het al weer tijd voor de lunch. Na de lunch weer richting huis maar we zijn nog even gestopt bij Tamala Station. Een boerderij die wordt beheerd door Joke (een Belgische) die Wilanda al eerder had gezien. Even wat bijgekletst en ze haalde nog even 3 joey’s naar buiten. Kleine babykangoeroes die hun moeder kwijt zijn en die met de hand worden grootgebracht. ’s-Avonds hebben de oude pub aangedaan voor een biertje en een hapje. Hier hebben we afgesproken dat we elkaar volgende week disndag in principe bij “80 mile beach” weer zullen treffen. Woensdag zijn we weer op pad gegaan via Carnarvon, Karratha, Port Hedland naar 80 mile beach. Onderweg hebben we nog gestopt bij 2 supermooie campeer plaatsen. Gladstone Jetty en Cleaverville, mooie plaatsen om ook wat langer te blijven staan. Goed om te weten voor de volgende keer! Bij 80 mile beach hebben zijn we een paar nachten gebleven. De aanzienlijke schade die de cycoon hier 2 jaar geleden had aangericht was inmiddels volledig hersteld en de camping is gelijk verder uitgebreid. Pim en Mariette kwamen gezellig naast ons kamperen en samen hebben we nog wat over het strand gewandeld, een biertje gedronken, het wormenspel gespeeld (erg leuk zeker met een biertje op) en vervolgens ge-bbq-ed. Na de BBQ nog even koffie met wat lekkers totdat meneer Babi Pangang kwam zeggen dat zij graag wilden slapen. Tja, wie gaat er dan ook in een tent naast ons liggen??? Na een gezamelijk ontbijt zijn we weer op pad gegaan naar Broome en spraken we af elkaar in ieder geval weer in Darwin te zien. We hadden van Broome al gehoord dat de campings erg duur zijn en dat er nauwelijks gratis campeerplaatsen zijn. Dus we dachten we steken even ons licht op bij het informatiecentrum. Nou die waren allerminst vriendelijk en het lieftst waren we gelijk weer vertrokken maar de volgende plaats was iets te ver en we moesten ook nog boodschappen doen etc.  We hebben uiteindelijk op een nieuwe camping gestaan, eigenlijk nog in aanbouw, zonder stroom maar dat is voor ons prima. Een mooie plek, ALS we ooit nog eens in Broome komen zullen we daar zeker weer gaan kijken. Vervolgens op weg naar Derby. Hier waren alle mensen in ieder geval vriendelijk en zijn de campings nog betaalbaar. We kwamen hier aan op zaterdag en zagen dat Pim en Mariette net deze dag waren vertrokken. Wij moesten hier 2 nachten blijven omdat de camper gekeurd moest worden op maandag. Een beetje lang verhaal maar het komt hier op neer: Johan wilde de wegenbelasting betalen online, maar dit kan alleen maar als je de herrinnering hiervoor hebt ontvangen. Dat hadden we dus niet maar na enig speurwerk bleek deze aangekomen te zijn bij SLR. Deze hebben hem doorgestuurd naar ons postbusadres waar ze deze vervolgens hebben gescand. Helaas was dit niet voldoende! De camper moest ook eerst nog gekeurd worden, in Queensland moet dit voor alle voertuigen boven de 4500kg. Als dit niet in Queensland gebeurt moet je eerst toestemming vragen aldaar om hem ergens anders te laten keuren. Zodoende kwamen we in Derby terecht. Daar vonden ze het maar onzin want in WA is dat niet nodig maar daar is de wegenbelasting weer duurder. Afijn, de keuring was snel voor elkaar en nadat we de keuringspapieren en een verklaring waarom we de camper in WA lieten keuren hadden doorgefaxt, konden we dus gaan betalen en vervolgens weer op pad. Allereerst een stuk Gibb River Road (die we in 2004 al helemaal hadden gereden) en vervolgens richting Windjana Gorge en Tunnel Creek. Bij deze laatste mocht je niet camperen dus zijn we nog een stuk doorgereden naar een oude steengroeve. Een heerlijke rustige plek, de hele groeve voor ons zelf! Onderweg veel koeien, vogels en kangaroes gezien en Johan zag in een flits nog een hele grote leguaan. Vanaf deze groeve zijn we doorgereden naar Fritzroy Crossing en vervolgens naar Halls Creek (na het lezen van de weblog van Pim en Mariette begrepen we dat wij hun op de hielen zaten) een stuk onovorkomelijke highway alvorens we de Duncan Road richt Old Halls Creek namen. Dit is een binnendoorweg die we 7 jaar geleden gedeeltelijk hebben gereden en we wilden deze nu verder volgen. We hebben overnacht bij Sawtooth Gorge waar we weer het rijk alleen hadden! Wat is dat toch?? De Duncan Road gaat over in de Buntine Highway (nou ja gravel dus) en na enige tijd kom je dan bij “de grens” van het Northern Territory en is het plotsklaps 1.5 uur later voor ons! Bij Kalkarindji (na 400km) wordt de weg plotseling verhard, zij het “single track”. Het is een echte aboriginal nederzetting en de benzine pomp wordt gebruikt als lokale hangplek. Het caravan park hebben we dus maar aan ons voorbij laten gaan en hebben 50km verder, op een parkeerplaats voor vrachtauto’s de nacht doorgebracht. De volgende dag zijn we doorgereden naar Katherine waar we net voor Katherine een “farmstay” hebben geprobeerd. Nou het was gewoon een echte camping met alles er op en er aan, weliswaar op een farm, maar dan de helft van de prijs van een “normale” camping. In Katherine hebben we ons weer bevoorraad (het was ons 4e bezoek aan Katherine dus geen toeristische dingen deze keer) en zijn we voor ons doen vroeg gestopt en hebben ons kamp opgeslagen bij Edith Falls. Ook hier zijn we op onze eerdere reizen al eens geweest maar dit keer 15 jaar geleden samen met Ed en Rini. Het was erg veranderd hier! Toen was het een gravelweg met een klein parkeerplaatsje. Nu was de weg compleet verhard, grote parkeerplaats en zelfs een campeer terrein met toilet, douches, camp-keuken en zelfs drinkwater. Het water in het poeltje bij de waterval was heerlijk maar Johan is er maar tot zijn knieen in geweest. Tja je weet immers nooit of  zo’n bordje dat de krokodillen alleen tussen 7 ’s-avonds en 7 uur ’s-morgens eten wel echt betrouwbaar is! Voor de mogelijke bellers, skypers of facebookers: Nu we in het Northern Territory zijn hebben we 7.5 uur tijdverschil met Nederland, dus 11 uur ’s-morgens is nu dus half 7 in de avond bij ons maar de komende tijd zullen we regelmatig zonder verbinding zitten.
Klik hier voor de foto's van Mei 2013

woensdag 1 mei 2013

April 2013


Vanuit Kulin zijn we via de Tin Horse Highway oostwaards gereden. Kulin heeft elk jaar in oktober paardenraces en daarvoor plaatste men altijd zelf in elkaar gezette paarden van ijzer langs de kant van de weg met de meest bijzondere vorm geving. Dit is inmiddels uitgegroeid tot een groots gebeuren en de paarden blijven nu het hele jaar staan. Via Geocaching hadden we weer een geweldig mooie campeerplaats gevonden ten oosten van Lake King, toen we aankwamen zaten de kangaroes ons al op te wachten. Ze waren niet bang uitgevallen en bleven gewoon zitten. Het was weer een plaats op een rotsplateau met veel waterpoeltjes, we waren de enig campeerders dus lekker rustig. Vandaar zijn we naar het zuiden afgezakt via Ravensthorpe en Hopeton van waaruit we voor een groot gedeelte via de kustweg richting Esperance zijn gereden. Hier hebben we ook 2 nachten gecampeerd, direct aan zee. Van hieruit weer verder naar Esperance waar we weer een nacht op een echte camping hebben gestaan. Dit ging echter niet zonder slag of stoot! Alvorens Esperance binnen te rijden is een nog een toeristische route met vele mooi uitkijkpunten. Een van die punten had een hele stijle afdaling. Nadat we van het uitzicht hadden genoten wilden we weer verder naar Esperance via deze steile helling, nu dus bergop waarts. We kwamen tot halverwege en toen protesteerde de motor. Geen diesel! Nou ja, nog wel diesel, bijna een kwart tank, toch zeker 60 liter, maar niet genoeg om de stijle helling te nemen. We hebben nog geprobeerd diesel over te hevelen uit ons kleine tankje voor de kachel maar de RAC (ANWB) moest er aan te pas komen. Die was er in ieder geval snel met 20 liter diesel en met deze extra diesel konden we weer op pad. Na in Esperance weer boodschappen (en diesel J) te hebben ingeslagen zijn we doorgereden naar Lucky Bay waar een hele mooi campeer plaats is, ook direct aan zee, beheerd door DEC (natuurbescherming). Men zegt dat je hier de witste stranden kunt vinden en dit lijkt ons wel te kloppen. Ook hier weer niet bang uitgevallen kangaroes, zelfs op het strand. Ondanks dat dit de koude kant is van Australie hadden we erg mooi weer. Na 2 dagen zijn we via Esperance naar de Goldfields gereden. De 400km weg heeft aan beide kanten van de weg eigenlijk alleen maar mijnen, al of niet verlaten c.q. niet meer in gebruik. Veel goud, maar ook koper, ijzer, nikkel en zelfs een paar zoutmijnen. We zijn bij een paar verlaten mijnen wezen kijken. Bizar wat er allemaal nog staat en te vinden is (Nee nog geen goud gevonden L maar oud-ijzer boeren zouden hier veel kunnen ophalen) Bij sommige mijnen kun je zelfs het hele stratenplan van wat ooit het dorpje is geweest nog zien. Ook staat er hier en daar nog wat tekst en uitleg en zijn er diverse plaatsen waar diepe gaten in de grond zitten waar men ooit erts door naar boven heeft gehaald. In Kalgoorlie hebben we een nacht  in een vakantiehuisje overnacht, tot groot plezier van Wilanda zelfs met bubbelbad. We hebben namelijk een nieuwe job; Het anoniem uittesten van een huisje, controleren of alles schoon is en goed in orde. Met onze ervaring van Oceanside weten we waar we op moeten letten. Nadat alles is gecontroleerd stuur je een vragenlijst en verslag, al of niet met foto’s, terug naar de opdrachtgever en je hebt weer een gratis overnachting te pakken! Deze kun je (na aanmelding) zelf selecteren en als er een op onze route komt, nou ja waarom niet! In Kalgoorlie hebben we een toer gemaakt naar de “Superpit”. Dit is de grootste open goud-mijn op het zuidelijk halfrond. De mijn is ongeveer 3.7 km lang, 1.55 km breed en 600m diep en wordt geheel uitgegraven in een trechter vorm. Het gat is qua grootte vergelijkbaar met 220.000 olympische zwembaden. Op de huidige bodem komt continu grondwater vrij wat wordt opgepomt en via 10 tankauto’s met een capaciteit van 120.000 literwordt afgevoerd die het weer uitspreiden over de “mijnwegen” nou ja paden van afval uit de mijn dit om de stof te verminderen. Het afval wordt grotendeels op grote bergen gegooid zodat als het ware “mens gemaakte” bergen ontstaan. Hieroverheen gooit men dan zand en vervolgens zaait men in men de oorspronkelijke beplanting. Tijdens onze tour zijn we tot ongeveer 300m diepte afgedaald en het was echt erg indrukwekkend allemaal. Daarnaast kregen we natuurlijk de nodige uitleg. Het eerste goud is hier gevonden in 1893 en men verwacht met deze mijn nog door te gaan tot 2021. Daarna zal men het gat vol laten lopen met water wat vanuit de bodem omhoog komt en men verwacht dat het 50 jaar zal duren eer het gat gevuld is! Per jaar haalt men ongeveer 22.000 kg goud naar boven. Dit wordt omhoog gebracht door monstertrucks die per keer 240.000 kg erts naar boven brengen. Per 7 trucks wint men goud ter grootte van een golfbal, ongeveer 500 gram. De rest is afval en wordt op grote hopen gestort ofwel mensgemaakte bergen. Voornoemde trucks (40 stuks in totaal) kosten 4.4 miljoen dollar per stuk, wegen leeg 166.000kg hebben een vermogen van 2300pk en een dieseltank van 3.790 liter. Een truck gaat gemiddeld 7 jaar mee en gebruikt dan ongeveer 8 milj. dollar aan diesel, 3 milj. dollar aan banden (40.000 per stuk!) en 2.5 milj. aan onderhoud (elke 20 dagen). De operatie gaat door 7 dagen per week, 24 uur per dag. Alleen bij hevig onweer wordt het werk stilgelegd. De superpit is Australies grootste goudleverancier en de 10e van de wereld. Omdat we nu alles van goud af zouden weten hebben we een metaaldetector gehuurd. De bedoeling was voor een week maar deze was slechts 1 dag beschikbaar. Met deze detector mochten we naar een stuk prive grond om ons geluk te beproeven. Na 4 stappen van de camper te zijn weggelopen sloeg de detecor flink uit, dus wij hadden zoiets van: nu al? Na alles grondig te hebben doorgespit en beetje voor beetje op de detector geplaatst te hebben bleek het loos alarm te zijn. Dit gebeurde nog een paar keer die middag. We vonden echter alleen ijzerdraad en blikjes. De volgende ochtend ook geen geluk. Het is zwaar werk met zo’n ding rondsjouwen en hakken en breken. Wellicht was 1 dag toch voldoende? Vervolgens hebben we weer boodschappen ingeslagen om weer een paar dagen “de bush” in te gaan. Vorig jaar hadden we namelijk een tour rondom Kalgoorlie gezien:  ”Golden Quest Discovery Trail” die je langs de historische hoogtepunten van de Goldfields brengt. Na het doen van onze boodschappen konden we onze ogen niet geloven. Stond er aan de andere kant van de weg zomaar een “broertje” van onze camper. Hier moesten we natuurlijk het fijne van weten.  Het bleken Lars en Mona te zijn die hun camper 2 jaar geleden hebben gekocht en vorig jaar die van ons in aanbouw hebben gezien. Natuurlijk was er veel om over te praten en daarnaast waren het ook nog eens (van oorsprong)  Zweden dus ook daarover konden we nog wat bijpraten. Na de late lunch konden we dus op pad. Onder weg naar Coolgardie  (de geboorteplaats van het goudzoeken in Australie in 1892, ook wel genoemd: Golden City) zijn we even gestopt bij Jack Carins Camp. Een “hutje op de hei” zullen we maar zeggen maar de beste man heeft hier 30 jaar in zijn eentje gewoond op zoek naar goud. In zijn ”voortuin” is inmiddels een grote mijncomplex gebouwd. Hij had eens moeten weten! Coolgardie was echt belangrijk in die dagen want alle verdere plaatsen rondom werden in eerste instantie benoemd als 25 mijl, 60 mijl en 90 mijl. Om aan te geven waar men was noemde men de plaats dus gewoon naar de afstand vanaf Coorlgardie. Bedenk hierbij dat de meeste lopend moesten gaan van de ene plaats naar de andere, met een (soms zelfgemaakte) kruiwagen met daarop al hun bezittingen. Pas toen deze plaatsen een echte nederzetting werden kregen ze een echte naam. Zo ontstonden de namen Siberia (niet omdat het zo koud was maar bloedheet en geen water) en later ook Niagara. Hier bleek een overvloed aan water te zijn. Zo konden wij nu dus ruim 100 jaar later in een paar uur van Siberia naar Niagara rijden. Water was het grootse probleem in deze tijd, velen zijn in de beginjaren omgekomen van de dorst. Niet alleen om te overleven maar ook voor de goudwinning was water nodig. Om deze redenen is begin 1900 een pijpleiding van 600km aangelegd van Perth naar Kalgoorlie. Deze  leiding is overigens nog steeds in gebruik.  Veel settlements / dorpen was maar een kort leven beschoren. Sommige zoals Siberia en Goongarrie slechts een paar jaar en andere dorpen zoals Kookynie van begin 1900 tot begin 60-er jaren toen de mijnen in de regio sloten. Van de meeste plaatsen resteert niet veel anders meer dan hier en daar een brok beton, veel oud ijzer en kapotte flessen (zo kun je zien waar de drinkgelegenheden waren). Het meeste zoals golfplaten en andere “bouwmaterialen” werd namelijk meegenomen hergebruikt en als jij het niet meenam dan nam iemand anders het wel mee. Er zijn ook uitzonderingen! In sommige plaatsjes zijn sommige huizen en hotels compleet gerestaureerd. In de dorpjes Gwalia en Leonora woonden in de eerste helft van de 20e eeuw meer dan 2000 mensen. Hij staat ook het zogenaamde Hoover House wat is gebouwd door een van de voormalige managers van deze mijn, Herbert Hoover, de latere president van de Verenigde Staten van 1929-1933. Toen de mijn in 1963 plotseling sloot hebben de meesten de omgeving verlaten en alles laten staan. We zijn zowel bij de mijn geweest als bij de huisjes waar de mensen woonden. Heel primitief. De huizen waren allemaal gebouwd van golfplaten, zowel wand als dak. Deze werden aan de binnenkant voorzien van jute wat wit werd geschilderd, ook de binnenwanden waren van jute. Zo bleef het koel binnen (nu nog!) De meeste van deze huizen hadden een keuken/woonkamer en 1 slaapkamer. Sommige hadden zelfs 2 slaapkamers. Sanitaire voorzieningen waren niet of nauwelijks aanwezig. De vloer bestond uit straatklinkers, of een houten vloer gemaakt van onderdelen van kratjes. Bij een zagen we zelfs een natuurstenen vloer! Meubels maakte men zelf, wederom van kratjes en sommige hadden zelfs “lades” gemaakt van benzineblikken welke aan 1 kant waren opengesneden. Onbegrijpelijk dat men zo tot midden jaren 60 heeft geleefd. Sommige van deze huisjes worden overigens nog bewoond maar zijn wel enigzins gemoderniseerd. De mijn in Gwalia is midden jaren 80 weer geopend, evenals vele mijnen langs onze route. De reden dat deze mijnen weer geopend zijn is een combinatie van factoren. De (explosief) toegenomen prijzen van deze metalen en de efficientere manier van werken dan 50 jaar geleden. De mijnbouw in West Australie heeft Australie een welvarend land gemaakt. Het had niet veel gescheeld of West Australie zou geen onderdeel gevormd hebben van het huidige (commonwealth of) Australie omdat men niet voldoende zou kunnen bijdragen aan de economie. Tenauwernood werd men door de “opkomst” van het goud toegelaten. Iets wat vele West-Australiers op dit moment betreuren omdat men nu veel meer bijdraagt dan de andere staten. Een beetje hetzelfde gevoel waarschijnlijk als vele Europeanen momenteel hebben na de invoering van de Euro, alsof de geschiedenis zich toch telkens weer herhaald!
Omdat we de laatste dag van onze reis door de “goldfields” nogwal wat regen hebben gehad was onze camper behoorlijk vies geworden en was het tijd voor een grote clean-up van binnen en buiten. We waren blijkbaar niet de enige want we moesten achter in de rij aansluiten en iedereen was bezig auto en caravan schoon te spuiten. We hadden natuurlijk weer het nodige bekijks! Van Kalgoorlie gingen we weer op pad naar Perth voor wat onderhoud aan de camper. Onze Australische-Nederlandse vrienden Henny en Harry waren zo vriendelijk ons onderdak aan te bieden omdat het niet allemaal op dezelfde dag gedaan kon worden. Er bleek zelfs nog een 2e nacht noodzakelijk te zijn! We werden erg in de watten gelegd door Henny en Harry. ’s-Avonds hebben we met zijn allen gekeken naar “The Voice” omdat de kleindochter (16 jaar) van Henny hieraan meedoet. Ze is al door de 1e (blinde) auditie heen en nu is het wachten op “The Battle”. Henny is natuurlijk apetrots en wie zou dat niet zijn! Vanaf Perth gaan we langzaam weer naar het noorden en onze volgende stop is Geraldton, deze keer voor een onderhoudsbeurt voor het truckgedeelte van de camper. En als we dan toch daar zijn stoppen gelijk nog even voor de controle bij de tandarts, en een bezoekje aan de kapper want die is in de bush niet te vinden.

zondag 31 maart 2013

Maart 2013


Vanaf de campeerplek bij het Wijnhuis zijn we uiteindelijk toch naar Wellington NP gereden. Het 1e weekend van maart was namelijk een lang weekend dus alle campings etc in de buurt zouden vast en zeker vol zijn en bij Potters Gorge in het NP is een grote campeerplaats. Als we daar vroeg zouden zijn was er vast nog wel plaats. Voor ons begrip erg vroeg, rond 12.00 uur kwamen we aan na een mooie toeristische route door het park, nadat we allereerst Gnome Ville (oftwel het grote kabouterbos) hadden bezocht. Hier staan meer dan 3000 tuinkabouters in alle soorten en maten overal opgesteld. Dit is als begonnen met 1 kabouter bij wijze van protest tegen de toenmalig gevaarlijk kruising. Een kabouter neerzetten zou de mensen doen afremmen en naar de kabouter kijken en al spoedig volgden er meer. Iedereen kan er een neerzetten en soms doen hele groepen dit tijdens een uitje of schoolreisje. Wij waren natuurlijk ook in voor een geocach ook al betekende dit: de cach is verstopt in een van de kabouters...Overigens is dit wellicht een bekende plek voor liefhebbers van de serie Amazing Race deze zijn in 2012  hier ook geweest. Toen we uiteindelijk bij Potters Gorge aankwamen begon de campeerplaats al aardig vol te lopen maar we konden nog een leuk plekje bemachtigen, vlakbij het water. We besloten i.v.m. het lange weekend maar direct 3 dagen te blijven. Dit was maar goed ook want tot diep in de nacht kwamen mensen zoeken naar een plek en ook op zaterdag ging dit zo door. We hebben veel buiten gezeten, gewandeld en gelezen en op het strand jeu des boules gespeeld. Na deze 3 dagen zijn we (een klein stukje) doorgereden naar Collie. De plaats waar de eerste kolen uit de grond zijn gehaald in Australie. De kolen werden hier afgegraven in een open mijn in tegenstelling tot wat men in Nederland deed. Deze mijn hebben ze nu vol laten lopen en zo is er een groot meer onstaan. Hier kwamen we nog een Nederlandse backpacker tegen, Floris, die net in Australie was en hoopte te kunnen gaan werken om zo zijn visum voor 2 jaar te bemachtigen. Hij zag ons rondlopen en toen hij hoorde dat we aan t geocachen waren riep die gelijk: O ja leuk schat zoeken. Dikke lol dus! Dus hij is met ons mee gegaan om aldaar de cache te scoren. Collie is een aardig plaatsje of eigenlijk een “grote stad” vergeleken met de dorpjes die we sinds Perth hadden gezien. Tijd voor inkopen, tanken en kleren wassen dus. Vanuit Collie zijn we richting Pemberton gereden. Hier waren we in 2004 ook al eens geweest maar omdat we nu meer tijd hadden dan de vorige keer hebben we wel een aantal toeristische routes gereden die ons door prachtige bossen van Karri bomen brachten. Deze bomen kunnen 90 meter hoog worden en zijn vooral populair voor de houtverwerking omdat ze zo kaarsrecht en zijn en het hout erg sterk. Van het hout werden o.a. spoorbielzen gemaakt en die zijn o.a. gebruikt voor de Transcontentiale spoorweg in Australie en voor de aanleg van de eerste lijnen van de Londense Metro die nog steeds bestaan! Op veel plaatsen zie je nog overblijfselen van de houtindustrie en veel houte huizen en andere gebouwen. Vanuit Pemberton zijn we doorgereden naar het d’Entrecasteaux NP. Hier hebben we ergens midden in het park gebivakkeerd en verder geen mens gezien. Vanuit hier ook weer een stuk door het “Karri bos” waar we nog een waterval hebben bezocht alleen deze had op dit moment geen water. Hier raakten we aan de praat met een ander stel en die adviseerden ons Warren NP wat mooie campeerplaatsen zou hebben en die kant gingen we toch uit. Zo hebben we in ruim een week tijd amper 150km gereden maar wel veel gezien. Van daaruit zijn we doorgereden naar Margaret River maar hier hebben we maar een kort bezoek aan gebracht. Veel te commercieel naar ons zin! Doorgereden naar Augusta om Cape Leeuwin te bezoeken. Het meest zuidwestelijke puntje van het continent, recht tegenover Antarctica. Het was gelukkig niet zo koud als 9 jaar geleden toen we daar voor de 1e keer waren. Ook hier zijn we niet erg lang gebleven en zijn doorgereden naar Denmark. Een heel leuk plaatsje waar veel te zien is. We hebben o.a. de Olifanten Rots bekeken. Dit zijn grote rotsen in de Oceaan die de vorm hebben van een olifant. Verder zijn we naar Crusoe Eiland geweest een mooi verlaten strand met een inderdaad afgelegen eiland. Hier was ook nog een oude pier die nog steeds wordt gebruikt. Als laatste zijn we naar Nullaki Peninsula geweest, een schiereiland helemaal is afgezet met gaas om ondegierte tegen te houden zoals slangen en ratten maar ook konijnen. Als je er door wilt moet je de poort openen middels een druk op de knop. En nou maar hopen dat er niets binnenglipt. Het schiereiland is een mooi natuurgebied met prachtige witte en lege stranden. In de omgeving van Denmark hebben we veel vernuftige geocaches gedaan. Sommige waren “simpel” maar had je batterijen nodig om die te openen en bij andere moest je echt goed nadenken. De meest geweldige was een serie van instrumenten met schakelaars die allemaal op de juiste positie moesten staan om een “gesloten” circuit” te krijgen. Als het goed was hoorde je een belletje rinkelen en dan kon je de knop omzetten en kwam de verstopte geocache uit een koker uit de grond omhoog. Geweldig! Vanuit Denmark was het weer tijd om richting Fremantle te gaan voor wederom een controle bij de dokter (alles goed gelukkig).  Onderweg hebben we Wagin nog aangedaan. Hier was een bijzonder leuk historisch dorp, zeg maar open luchtmuseum met allerlei gebouwen en attributen uit (hele) vroegere jaren. Een oude school, een heuse oude bank, postkantoor maar ook oude wasmachines, poppen je kunt het zo gek niet bedenken! We hebben er bijna 3 uur rondgelopen. Vanuit Fremantle zijn we weer afgezakt naar het zuiden waar we een paar dagen hebben gebivakkeerd bij de Yormaning Dam. Een meertje zullen we maar zeggen wat vroeger werd gebruikt om de stoomtreinen van water te voorzien. Hierbij is een behoorlijk groot stuk vrijgemaakt voor vrijkamperen en ondanks dat het gratis is hadden we iedere dag het rijk nagenoeg alleen. Geen internet was wel even wennen maar gelukkig hadden we een hele voorraad boeken bij ons. Bij deze dam was overdag wel een “drukke activiteit” gaande. Per dag kwamen er 8 vrachtwagens / tankauto’s water in de dam lossen. Aan de andere kant van de dam zagen we regelmatig vrachtwagens water uit de dam pompen. Omdat Johan er het zijne van wilde weten is hij op een gegeven moment eens wezen informeren hoe het nu precies zat. Het verhaal is simpel! Mainroads (wegenonderhoud) had te veel water uit de dam gepompt wat ze gebruiken voor het nathouden van de wegen tijdens het onderhoud / aanleg. Hierdoor was dit meer op een te laag niveau gekomen en zou het de flora en fauna kunnen bedreigen. Om deze reden wordt er sinds begin Februari, 6 dagen per week 8 maal per dag de inhoud van een tankauto van ongeveer 20.000 liter water in de dam gestort. Het niveau is al 2 cm. gestegen inmiddels! Het water komt overigens uit een andere dam (50km verderop) die niet meer actief in gebruik is en die eigenlijk ook te vol is waardoor deze een risico vormt en deze het zou kunnen begeven. Omdat mainroads nog niet klaar is met de wegen (er moet nog 5 km gedaan worden) gaat men door met het leegpompen aan de andere kant van de dam. Nee dat kan niet eenvoudiger want mainroads is mainroads en niet de gemeente die nu het water aanvult! Dat is te simpel geredeneerd! Omdat het inmiddels Pasen was werd deze campeerplaats ook erg druk en besloten we om maar weer via het binnenland naar het zuiden (Esperance) te rijden en zijn nu aangekomen in Kulin waar we weer een gratis campeerplaats hebben, deze keer zelfs met toiletten en douches!
Klik hier voor de foto's

donderdag 28 februari 2013

Februari 2013


Begin februari waren we druk met pakken en inpakken. Maandag 11 februari zouden we weer gaan vertrekken en voor die tijd moest de camper compleet gepakt zijn en het huis weer aan kant gemaakt. Er deed zich namelijk een mogelijkheid voor om ons huis voor 2 jaar te verhuren en dat geeft ons mooi de ruimte en de tijd om ons “rondje Australie” te gaan doen.
Vanuit Denham was het eerst richting Geraldton waar we weer overnacht hebben op Coronation Beach. Een mooie stek en lekker rustig deze keer. De volgende dag even wat booschappen gedaan in Geraldton, wat Geocaches gezocht en overnacht op een andere campeer plaats “The Fig Tree” waar we ook regelmatig blijven. We dachten even het rijk alleen te hebben hier maar er kwamen iets later nog twee busjes . Vandaar zijn we doorgereden naar Dongara en daar “de normale route” verlaten en wat meer binnendoor gegaan, we hadden immers toch de tijd. In Geraldton had Wilanda nog iemand gesproken die onze camper erg interessant vond en die gaf ons nog een tip om te bezoeken: “Stockyard Gully” en deze richting gingen we net uit. Stockyard Gully is een grot van 300 meter lang, uitgesleten door het water van de rivier. Het lijkt een soort ondergrondse tunnel.  Vandaar gingen we door naar Mt Lesuer NP. We hadden hier het hele NP voor ons zelf. Dit komt met name omdat dit vooral wordt bezocht in het “Wildflower” seizoen maar dat begint pas in juli maar wel lekker rustig zo. Van de “Central West Area” zijn we doorgereisd naar de zogenaamde “Wheatbelt”. Dit is een gebied 4 x zo groot als Nederland waar voornamelijk graan wordt verbouwd met slechts 72.000 mensen wonen. Honderden kilometers lang, alleen maar graanvelden, ongelooflijk. In het gebied moeten vroeger veel meren geweest zijn maar die staan nu allemaal droog en zijn grote (witte) zoutvlaktes geworden. De dorpjes zijn veelal klein, authentiek en knus. Ook staan overal oude machines gewoon langs de weg tentoongesteld of weg te roesten. Bevolking is erg vriendelijk. We zijn 2 nachten gebeleven in Cadoux een plaats waar ongeveer 15 mensen wonen en in 1979 door een aarbeving (6.2 op de schaal van Richter) is getroffen. Veel gebouwen zijn verwoest evenals de (oude) spoorlijn. Overal staan borden waar de breuken / scheuren in de grond te zien waren. In dit dorp konden we overnachten voor $5 per nacht inclusief gebruik van water, stroom, toilet en douche. En we waren de enige op deze campeerplek, wat een luxe zo met al die voorzieningen. In het dorp kun je ook grond kopen om een huis te bouwen. Slechts $500 voor ongeveer 1000 viekante meter, je moet dan wel een huis bouwen en er gaan wonen! Nou ja wie weet ooit???? Hierna zijn we doorgereden naar het plaatsje Koorda. Terwijl we hier onze koffiestop hadden kwamen er 2 mannen naar ons toe en die waren de eigenaren van het motormuseum. Dat gingen ze even speciaal voor ons open maken. Het was niet groot maar het stond propvol met een handvol  klassieke, voornamelijk Australische, auto’s en andere motorische zaken. Van de Wheatbelt zijn we naar Perth gegaan. Hier hebben we wederom een paar dagen van de stadse sfeer mogen proeven. Tja, wat een overgang al die drukte. Perth wordt overigens steeds drukker. Iemand vertelde ons dat er per week 1000 mensen in Perth bijkomen dus dat schiet wel op. Na Perth zijn we weer wat zuidelijker gegaan  via Pinjarra naar Waroona waar we een nacht aan een meer hebben gecampeerd en we waren weer de enige. We hebben nog een nachtje gecampeerd midden in de bossen bij Hoffmans Mill, een oude verlaten houtzagerij en ook hier waren we de enige op een hele grote campeerplaats. Vervolgens verder naar het zuiden richting Harvey wat bekend staat om de citrusplantages en waar ook de “Harvey Fresh” jus d’orange en andere vruchtensappen vandaan komen. Via Brunswick Junction verder naar het zuiden onderweg naar Wellington NP. Onderweg daarheen maakten we even een stop voor onze lunch en werden we aangevallen door de z.g. March flies. Dit zijn gemene steekvliegen en men had al gezegd dat we daar in het NP wel eens last van zouden kunnen hebben in deze tijd van het jaar. Hm, goede raad is niet zo duur dus we zijn ter plekke omgekeerd en hebben een andere route uitgestippeld. Zo kwamen we even ten oosten van Donnybrook bij een wijnboer aan genaamd Thomsonbrook Wines. Ook hier kun je gratis je camper neerzetten, natuurlijk wel even wijn gaan proeven en uiteraard hebben wij ook wat wijn ingeslagen. Een lekkere rose, een Shiraz en een Cabernet Sauvignon. We mochten zo lang blijven als we wilden gaf de eigenaresse aan. Oops, teveel gekocht????  Nou ja een gegeven paard mag je niet in de bek kijken dus we besloten om er in ieder geval een 2e nacht aan vast te plakken! Tijd om de camper een beetje op te ruimen, schoon te maken en de weblog weer bij te werken.
Klik hier op de foto's voor februari 2013

vrijdag 1 februari 2013

Januari 2013


Begin januari ontvingen we via de post uit nederland een verrassingspakket van Theo, Anja, Carlijn en Myrte Hurkmans. Vol met nederlandse literatuur, lekkere drop, een CD met Nederlandstalige muziek en een agenda vol met belangrijke data om niet te vergeten! Verder was het een rustige maand deze keer. Simpele reden: veeeeeeeeeeeel te heet om iets te doen. We hebben wel een paar keer gebowld, Wilanda was zelfs een keer in de finale maar helaas sloeg  de vermoeidheid toe en verloren. En we hebben aardig wat gebridged. Vooral dat laatste was zeer aangenaam bij de airco! Er was ook een nieuwe kaart)activiteit Euchre. Een kaartspel waarbij je 5 kaarten krijgt (Aas-Zeven) en je minimaal 3 slagen moet halen. Het “ingewikkelde” bij dit spel is dat bij troef de boer van de gekozen troef het hoogste is en de boer van dezelfde kleur de 2e hoogste is! Dat betekent dus goed opletten. De 1e keer werd Johan 2e en de 3e en 4e keer: GEWONNEN. Helaas viel  de opkomst wat tegen maar dat maakte voor ons en enkele andere nieuwkomers niets uit nu was er meer tijd voor uitleg. 
De temperatuur overdag was de meeste dagen 40+ of meer (we hebben thermometers gezien met 50+) en ’s-nachts nauwelijks onder de 30 graden. Maar we weten nu in ieder geval dat de nieuwe airco’s in huis werken! Nou ja in elk geval hoor je ons niet klagen over het weer het is altijd nog beter dan de bosbranden in het zuidoosten en de overstromingen in het oosten. Er was nog wel even een dreiging van een cycloon maar die boog op tijd af richting zee. We hebben ons dus maar bezig gehouden met binnenactiviteiten deze maand. Wilanda heeft vooral veel gebakken en gekokkereld. Diverse cakes, koekjes, roze koeken, kroketten, je kunt het zo gek niet bedenken. Johan heeft zich voornamelijk beziggehouden met stamboomonderzoek. Hij heeft de families Bakker, van den Hoed en Interfurth al aardig uitgeplozen, in sommige gevallen terug tot ergens in 1500. De familie Princee werkt hij nu aan en hij lijkt een “doorbraak” te hebben gevonden maar we wachten nog op bevestiging. Mocht iemand nog gegevens hebben van broers/ zussen/ neven/ nichten op de lijn van opa Princee, of verder terug in de tijd, dan houden we ons aanbevolen. Dit voor extra aanvulling. Deze maand hadden we ook de jaarlijkse Australia Day. Op Zaterdag de 26e een gratis ontbijt, na diverse toespraken en huldigingen (lokale lintjes zullen we maar zeggen). De maandag was een “extra” vrije dag, dit omdat Australia Day in het weekend viel en deze dag werd er door de Bowling Club een spelletjesdag georganiseerd. Vanwege de hitte werd dit ook beperkt tot binnenactiviteiten dus er was darts, pool, ringgooien en golf met hindernissen. Eerst in teams en later nog individueel. Het was erg gezellig en Wilanda werd met haar partner Dennis 2e bij de teams. Volgende maand zulle we actiever zijn want dan gaan we weer met de camper op pad. De schoolvakanties zijn dan weer voorbij dus is het wat rustiger overal en hopelijk nog mooi weer. We willen namelijk  het gebied ten zuiden van Perth gaan bezoeken (afstand van hier naar het zuiden in ongeveer gelijk aan Amsterdam-Barcelona) via Margaret River naar Albany, Esperance en vervolgens naar Kalgoorlie (Goldfields). Wellicht dat we nog wel een goudklompje vinden ha, ha...
Klik hier voor foto's van Januari 2013.